Het sociaal maatschappelijk multimedia platform van en voor het volk en ondernemend Nederland en België.
Milieu en leefomgeving

Elektrisch rijden ecologisch verantwoord?

Daan Fousert 14 april 2022
FotoBigstockphoto

Natuurlijk moet je ergens beginnen en ik zie ook wel het voordeel van de CO2-reductie bij elektrisch rijden. De CO2-uitstoot van een elektrische auto is ‘slechts’ 0,07 kg per km en bij een auto met een verbrandingsmotor is dat drie keer zoveel: 0,22 kg per km. Omdat onze overheid stuurt op een reductie van CO2-uitstoot, wordt het elektrisch rijden zwaar gestimuleerd en bovendien gesubsidieerd. Het klinkt allemaal prachtig maar is het dat ook? Wat staat er tegenover?

Accupakket

Als we kijken naar de CO2-uitstoot, veroorzaakt bij de productie van de accu’s alleen al en de moeilijkheid van het terugwinnen van de grondstoffen op het moment dat deze accu’s vervangen worden, dan komen we op een heel ander plaatje uit. Een elektrische auto heeft dan wel degelijk nadelen voor het milieu. Het accupakket is het grootste onderdeel van een elektrische auto. Los van brandveiligheid is het verstandig eens te kijken naar het productieproces ervan.

Volgens de ANWB is de milieu-impact (CO2-uitstoot) tijdens het produceren van de accu groter dan die van een brandstofauto, maar dat wordt gecompenseerd per gereden kilometer. Volgens de gegevens ligt het kantelpunt ergens rond de 39.000 km. Ervan uitgaande dat de levensduur van een auto gemiddeld rond de 220.000 km ligt, zou een elektrische auto tot 30% minder CO2-uitstoot produceren dan een brandstofauto. Dit klinkt gunstig, maar de levensduur van een accu is acht tot tien jaar. En dan begint de cyclus opnieuw. Bovendien is de vervanging van een set accu’s extreem duur.

“De aanleg van deze mijnen blijkt extreem schadelijk voor de biodiversiteit van het land”

Omdat deze auto’s aan speciale eisen moeten voldoen, gebruiken fabrikanten voor het productieproces zeldzame materialen, zogenaamde conflictmetalen. Accu’s van elektrische auto’s bevatten metalen zoals kobalt, lithium, koper, aluminium, nikkel en mangaan. Bij het winnen van deze metalen komen vaak sociale en milieuproblemen voor. Verder bestaat de kans dat de inkomsten van de winning en handel in een specifiek metaal gebruikt worden om gewapende conflicten te financieren. Daarom noemen we dit ‘conflictmetalen’. Hoe meer elektrische auto’s er op de weg komen, hoe groter de vraag naar deze metalen wordt. Om misstanden bij de winning van onder andere kobalt tegen te gaan, zijn er initiatieven zoals de Fair Cobalt Alliance. Bedrijven die zich bij deze alliantie aansluiten, moeten hun toeleveringsketen actief managen op het gebied van milieu- en biodiversiteitsrisico’s en mensenrechtenschendingen.

Kobaltwinning

Toch worden deze metalen nog voor het overgrote deel uit milieuonvriendelijke mijnen gehaald. Op 16 oktober 2019 kopte de Volkskrant ‘Congo betaalt de prijs voor onze accu’. Kobalt, want daar ging het over, is onmisbaar voor deze accu’s en dat wordt hoofdzakelijk in Congo gewonnen, onder erbarmelijke omstandigheden met kinderarbeid en zware milieuverontreiniging. Zo’n twee derde van het benodigde kobalt in de wereld komt uit Congo, een van de armste en corruptste landen van de wereld. In 2016 publiceerde Amnesty International al een kritisch rapport over de kobaltwinning en wees vooral op het gevaar dat de mijnwerkers daar lopen, hun kans op ernstige longziektes en huidaandoeningen, nog los van het feit dat er veel kinderarbeid mee is gemoeid. De mensenrechtenorganisatie sprak kinderen die wel twaalf uur per dag in de mijn moesten werken en daarvoor zo’n 1 tot 2 dollar per dag voor kregen.

Biodiversiteit

De aanleg van deze mijnen blijkt ook nog eens extreem schadelijk voor de biodiversiteit van het land. Het verwoest landbouwgronden en natuurgebieden, wat een slecht effect heeft op de watervoorziening. Mensen worden frequent van hun grond gejaagd zonder enige vorm van genoegdoening. Kortom de effecten op leefwereld, milieu en biodiversiteit zijn aanzienlijk. En dan hebben we het alleen nog maar over de grondstof kobalt. Zo’n accu bestaat uit meer grondstoffen, zoals bijvoorbeeld lithium waarvan het oppompen en schoonmaken gepaard gaat met grote waterverspilling.

De oplossing ligt in het produceren van kobaltvrije accu’s, die zich echter nog in een ontwikkelstadium bevinden en er is nog geen zekerheid dat dit gaat lukken. Een bedrijf als Tesla is met een alternatief bezig (LFP, lithium-ijzer-fosfaat accu), maar verwacht niet voor 2030 iets op de markt te kunnen brengen. De grondstoffen schijnen meer voorhanden te zijn, maar er schuilt gevaar in de brandbaarheid ervan bij te hoog geladen accu’s. Dus ook hier is nog het nodige werk te doen, voordat ze integraal toegepast kunnen worden. Daarbij heeft Tesla in 2020 nog een contract afgesloten met het Zwitserse bedrijf Glencore voor de levering van 6000 ton kobalt per jaar, voor een groot aantal jaren en, ja hoor, via allerlei tussenconstructies wordt deze kobalt gewonnen in Congo. In zijn programma ‘Waarde van de Aarde’ liet Twan Huys zien hoe dubieus dit bedrijf is.

Klimaatakkoord

De Europese Unie heeft inmiddels bekend gemaakt dat zij streeft naar 30 miljoen volledig elektrische auto’s op de weg in 2030. Dit om het klimaatakkoord te realiseren. In hun berichtgeving reppen zij met geen woord over de gevolgen voor onder andere de biodiversiteit, de leefwereld of welk van de andere aspecten van EcQ (ecologische intelligentie) dan ook, met name in die landen waar de grondstoffen vandaan komen.

Desgevraagd reageren autofabrikanten en andere accuproducenten heel vaag op de vraag waar zij hun grondstoffen delven. Duidelijk is dat deze grondstoffen via allerlei omwegen naar de producenten komen. Uit diverse betrouwbare bronnen blijkt duidelijk dat de delving en verwerking ‘overall’ in Afrika plaatsvindt.

“Om recycling te realiseren, is beleid nodig”

Over de mogelijkheden om de autobatterijen te hergebruiken of recyclen, is nog te weinig nagedacht. We zien dat de overheid enerzijds de verkoop van elektrische voertuigen stimuleert via het beleid, maar anderzijds nog geen grondstoffenbeleid voor de batterijen heeft. Dit brengt het gevaar met zich mee dat recycling gedreven zal worden door de marktprijzen voor de gebruikte grondstoffen. Omdat de recycling van de veelgebruikte lithium-kobaltbatterijen op dit moment meer kost dan dat het oplevert, is er geen financiële prikkel die deze markt stimuleert. Om recycling te realiseren, is dus beleid nodig. (Bron Recycling Network Benelux)

Als we ons laten leiden door de vraag of we echt goed en ecologisch bewust bezig zijn met elektrische auto’s en als we kijken naar alle aspecten van ecologische intelligentie en we zouden dat in de EcQ-graadmeter wegzetten, dan scoren we niet positief op deze aspecten terwijl dat idealiter wel ons streven zou zijn.

FotoBron: Ecologische Intelligentie (EcQ) door Daan Fousert

In Nederland lopen we voorop in het elektrisch rijden. Dat klinkt prachtig, maar is tegelijk hypocriet. Als elektrisch rijden negatief scoort op de aspecten biodiversiteit, leefwereld, milieu, inclusiviteit, diversiteit en circulariteit en alleen maar een positief effect heeft op de biosfeer en het klimaat, dan zijn we naar mijn mening niet optimaal bezig. Het streven is op alle aspecten positief te scoren.

Laten we daarom stoppen met deze productie, totdat er een alternatief is of we een balans kunnen vinden tussen onze economische behoefte en onze ecologische verantwoordelijkheid.

Schadelijke oplossingen

Zolang ze kobalt en andere conflictmetalen blijven winnen, zoals nu het geval is en er geen oplossing is voor de recyclebaarheid van de batterijen, moet je er niet aan willen beginnen. Dat voelt als ‘penny wise and pound foolish’. En als we al ‘nog steeds schadelijke oplossingen’ gaan toepassen, dan alleen als er een oplossing voor die schade op korte termijn voorhanden is. Met andere woorden: als we zeker weten dat kobalt op zeer korte termijn eerlijk en schoon gewonnen wordt en dat de batterijen per 2030 100% recyclebaar zijn, dan is er geen bezwaar om nu elektrisch te rijden. Maar van beiden is geen sprake, de timing is onbekend en er wordt ook niet bedrijfsmatig en politiek op gestuurd.

Misschien is het dan toch beter om nog even fossiel te blijven rijden en op een andere wijze de CO2-reductie te verlagen?

Boven alles mogen wij als consument niet afwachten totdat ‘het geregeld is’. Ieder van ons kan een bijdrage leveren aan het behalen van deze doelstelling, door naar onze eigen energie footprint te kijken. Wil je meer weten over ecologische intelligentie of het EcQ classificatiesysteem? Lees dan ‘EcQ, Ecologische Intelligentie’ of ‘Leiderschap voor Toekomst makers’.