Het sociaal maatschappelijk multimedia platform van en voor het volk en ondernemend Nederland en België.
Wetenschap en technologie

Bezorgdheid over onze digitale rechten. Europese Commissie wil de mens centraal laten staan

Ton Verheijen 12 mei 2022
FotoBigstockphoto

Europa wil geen surveillance-maatschappij zijn zoals China. De mens moet centraal staan, niet de technologie. Daarom wordt in Brussel gewerkt aan een ‘ontwerpverklaring’ voor bescherming van onze digitale rechten en een nieuwe wet. Wat moet erin staan? Lopen de plannen in lijn met de belangen van de Europese burgers? Niet echt, volgens hoogleraar Wim de Ridder. “De snelle ontwikkeling van digitale technologie bereikt veel onderdelen van de samenleving nauwelijks,” zegt hij.

De EC wil vóór deze zomer met een ‘declaratie’ komen die burgers helderheid moet verschaffen over hun rechten in het digitale tijdperk. Dat lijkt geen overbodige luxe nu algoritmes ons leven steeds meer sturen en kunstmatige intelligentie onze individuele keuzes beïnvloedt. We hebben rechten op internet, stelt de EC nadrukkelijk. Niet de algoritmes, maar wij zijn de baas. Niet de technologie, maar de mens staat centraal. 

Het is niet zo gek dat de declaratie juist nu in de maak is. De uitrol van 5G is in volle gang en het aantal camera’s in onze straten groeit met de dag. Op internet worden we achtervolgd door cookies. We lezen de verhalen over surveillance-maatschappij China, die burgers 24/7 controleert, keihard afrekent op onwelgevallig gedrag en confronteert met meedogenloze lockdowns. Die koers moeten we niet varen in het vrije westen, vindt ook Elon Musk. Musk heeft Twitter gekocht en wil het algoritme open source maken (door iedereen in te zien) en de vrijheid van meningsuiting vrijer interpreteren. Er wordt gesuggereerd dat hij de accounts van Donald Trump zal herstellen. Het beoordelen van de inhoud van tweets vindt hij een taak van de overheid.

“Niet de algoritmes, maar wij zijn de baas”

Haatzaaien

In de ontwerpverklaring van de EC staan de belangrijkste rechten en beginselen voor de digitale transformatie ‘om de mensen in de EU in hun dagelijks leven te helpen’. Digitale technologie moet onze rechten beschermen, de democratie ondersteunen en zorgen dat alle digitale spelers zich ‘verantwoordelijk’ en ‘veilig’ gedragen. Technologie moet mensen samenbrengen, niet uit elkaar drijven. Iedereen moet toegang hebben tot internet, digitale vaardigheden en digitale overheidsdiensten.

Concreet wil de EC dat we recht hebben op privacy, op offline zijn, op transparante algoritmes en op bescherming tegen desinformatie. We hebben recht op een eerlijke digitale omgeving (zonder illegale en schadelijke content) en op een ‘slagvaardige’ positie zodra we te maken krijgen met nieuwe technologie, zoals kunstmatige intelligentie. We moeten allemaal deel kunnen nemen aan het democratische proces en controle hebben over onze persoonlijke gegevens. En we moeten beschermd worden tegen criminaliteit. 

Margrethe Vestager, binnen de EC verantwoordelijk voor digitalisering, zei onlangs in een persverklaring: “We willen veilige technologie, die werkt voor de mensen en die onze rechten en waarden respecteert, ook als we online zijn. En we willen dat iedereen in staat is actief deel te nemen aan onze steeds digitaler wordende samenleving. Deze verklaring geeft ons een duidelijk referentiepunt voor onze rechten en beginselen online. Soms weten mensen niet goed wat hun rechten zijn. Welnu, dit zijn jullie rechten.”

In lijn met de ontwerpverklaring heeft de EC ook een akkoord bereikt over een ingrijpende wet, de Digital Services Act (DSA), die grote tech-bedrijven dwingt meer te doen tegen illegale content op internet, zoals haatzaaien en het verspreiden van desinformatie. Volgens EC-voorzitter Ursula von der Leyen vergroot de wet de veiligheid online ‘met behoud van vrijheid van meningsuiting en kansen voor bedrijven’. Samen met de ontwerpverklaring moet de wet van internet een veiligere plek maken.

“Technologie moet mensen samenbrengen, niet uit elkaar drijven”

Recht op leefstijlbegeleiding

Het lijkt een lovenswaardig initiatief. Maar prof. dr. Wim de Ridder van het bureau Futures Studies heeft zijn twijfels. “We halen lang niet alles uit de kast. De burger wordt niet goed bediend, er kan veel meer,” zei De Ridder, lid van de World Futures Society en voormalig hoogleraar Toekomstonderzoek aan de Universiteit Twente. 

In zijn recente boek ‘De Democratische Lente’ onderbouwt De Ridder casussen van marktrijpe technologieën die burgers kunnen dienen, maar die niet doorbreken. Een van de casussen is de behandeling van leefstijlpatiënten. “Er zijn 1,1 miljoen diabetes 2 patiënten in ons land,” aldus De Ridder. “Voegen wij daar hart- en vaatziekten en obesitas aan toe, dan komen we op 5 miljoen patiënten die baat zouden hebben bij digitale begeleiding. Vooraanstaande artsen hebben berekend dat in zes maanden tijd 400.000 patiënten medicijnvrij kunnen worden. Toch wordt deze technologie niet toegepast, want artsen en de medicijnindustrie hebben geen belang bij minder patiënten. Ik zie in de ontwerpverklaring geen bepaling dat overheden verplicht zijn gebruik te maken van beschikbare digitale technologie als daarmee belangrijke maatschappelijke doelen worden gerealiseerd.” 

Een doorbraak in de bestrijding van diabetes 2 zou plaatsvinden als patiënten zelf relevante gezondheidsdata gaan beheren. De patiënt noteert op zijn laptop wat hij eet en drinkt. Zijn bloedwaarde meet hij met een nanopleister. Het meetresultaat wordt automatisch op zijn dashboard vastgelegd. Ook DNA-informatie kan worden toegevoegd. Alle relevante data gaat geanonimiseerd naar een databedrijf dat de gegevens analyseert. Als de patiënt toestemming geeft, wordt de analyse gedeeld met de behandelend arts. De technologie is er klaar voor en moet volgens De Ridder direct worden ingezet. “Je zou het een ‘recht op digitale leefstijlbegeleiding’ kunnen noemen.”

De Ridder beschrijft casussen in de preventieve zorg, logistiek, kapitaalmarkt en schuldhulpverlening. In de schuldhulpverlening blijkt het merendeel van mensen met geldzorgen en schulden geen adequate hulp te krijgen. Ook wordt er te weinig gedaan aan het wegnemen van de oorzaak van geldproblemen. Terwijl er een werkzaam concept beschikbaar is dat door gemeenten wordt gebruikt. Buddy Payment heeft algoritmes en een digitale app ontwikkeld om kwetsbare Nederlanders te ondersteunen bij het maken van financiële keuzes. “We zijn een digitale vriend in je broekzak”, aldus CEO Camiel Kuiper. “Maar het veroveren van de markt is geen sinecure. Gevestigde organisaties ervaren de (digitale) vernieuwing als een bedreiging.”

Baas over eigen data

“De ontwikkeling van digitale technologie bereikt veel vitale onderdelen van de samenleving niet of nauwelijks”, stelt De Ridder. Met name in de gezondheidszorg, armoedebestrijding en werkloosheid blijven zoveel kansen onbenut dat de maatschappelijke schade veel groter is dan de kosten om de welvaart te vergroten. 

“Neem digitale kluizen. Die kunnen burgers helpen bij het zelf beheren van data. Apps van Schluss en IRMA, waarmee je een organisatie toestemming geeft om je persoonlijke data in te zien, zijn klaar voor gebruik. Je zou het een ‘recht op zelfbeheer van persoonlijke data’ kunnen noemen.” De Ridder is er een warm voorstander van. Ook journalist Peter Olsthoorn, schrijver van het boek ‘Baas Over Eigen Data’, heeft veel sympathie voor de digitale kluizen van Schluss en IRMA. “Ze doen het fantastisch maar zijn te klein en hebben niet de macht om iets af te dwingen. Als big tech straks zelf met een digitale kluis komt, is het schluss voor Schluss.”

In ‘Baas Over Eigen Data’ komen allerlei actuele initiatieven voor betere zelfbeschikking over data aan bod. Vanuit wetenschap en start-ups, zoals MedMij, Solid en Regie op Gegevens, vanuit medisch onderzoek en vanuit Europese grootbanken, met ondersteuning van de Europese Commissie en Nederlandse regeringspartijen, benadert OIsthoorn het vraagstuk van persoonlijke autonomie over eigen data. 

Kan de ontwerpverklaring daar nog bij helpen? Olsthoorn denkt van niet. “Zo’n beginselverklaring vind ik niks. Hoe ga je dat handhaven? Nee, ik ben voor pragmatische regels, die op iedere website hetzelfde zijn. Daar is de Europese Commissie voor. Maak goede wetgeving en creëer een situatie waarbij individuen het beheer van data naar zich toe kunnen trekken. Dat moet de overheid doen, want het individu is gemakzuchtig. Mensen wegen voortdurend voor- en nadelen af. Ook met data in ruil voor ‘gratis’ attractieve diensten die gemak, plezier, aandacht, lust, gezondheid of inkomsten opleveren. Dat vinkje zetten, is snel gebeurd. De consequenties zijn soms een black box, verstrekkend en niet te overzien. 

“Gevestigde organisaties ervaren de (digitale) vernieuwing als een bedreiging”

Toegang tot informatie

Het Financieele Dagblad kwam onlangs met een verhaal over Chinese genen-databanken. ‘China beschouwt menselijk DNA als een natuurlijke hulpbron’, schreef het FD. ‘De staat eigent zich het recht toe in principe over alle materialen te beschikken die in databases en labs zijn opgeslagen’. Voor de gemiddelde Europeaan klinkt het griezelig. Bio-informaticus Yves Moreau zei in het bewuste artikel: ‘Als er een nationaal dataplatform aankomt dat door de overheid wordt gecontroleerd, vind ik dat zorgelijk’.

Europa is geen China. De ontwerpverklaring en Digital Services Act worden gepresenteerd als kaders voor een veilig internet. Maar het European Digital Rights Initiative (EDRI), een burgerrechtenwaakhond waar ook Amnesty International bij betrokken is, waarschuwde al op Twitter voor deze nieuwe wetgeving, waardoor in crisissituaties sociale media gedwongen kunnen worden zich te mengen in de vrijheid van meningsuiting. Ook dat klinkt griezelig. Wie bepaalt wat een werkelijke crisis is? Wie bepaalt waar vrijheid van meningsuiting ophoudt en desinformatie begint? “Besluiten over de vrijheid van meningsuiting en toegang tot informatie, vooral in crisistijd, kunnen niet op een legitieme manier eenzijdig door de uitvoerende macht worden genomen,” waarschuwt EDRI. 

Gebeurt dit wel, en vormt de EC een pact met de tech-bedrijven, dan zijn de Europese burgers volledig afhankelijk van wat in Brussel als verantwoordelijk, veilig en rechtvaardig wordt beschouwd (en door Facebook, Twitter en andere sociale media wordt gefaciliteerd). Maar is de charme van een democratie niet juist het verschil van inzicht? Mondige burgers willen zelfbeschikking over hun data en willen niet dat hen onder het mom van veiligheid, vrijheid en rechtvaardigheid de wet wordt voorgeschreven. De vrijheid van meningsuiting is wat dat betreft exemplarisch. Vrijheid van meningsuiting is compleet en volledig. Perk het in en het is geen vrijheid van meningsuiting meer.