Je moet als voorloper vooral de moed hebben je eigen gevoel te volgen - B Informed Media
Het maatschappelijk media platform van en voor de burger & MKB
Gezondheid

Je moet als voorloper vooral de moed hebben je eigen gevoel te volgen

Carla de Ruiter 11 min leestijd 9 augustus 2022
FotoRobin de Vries

Van ’s werelds eerste professionele model in een rolstoel, eerste internationaal verkopende Nederlandse zelfhulp bestsellerauteur, bedenker van de Sit Smart-voedingsmethode voor mensen met een dwarslaesie, oprichter en CEO van de eerste medische kliniek voor leefstijlgeneeskunde Lifestyle Docs en oprichter van het Tijdschrift voor leefstijlgeneeskunde tot haar eigen landelijke tijdschrift Annemarie’s Health. Hoofdredacteur Carla de Ruiter ging in gesprek met Health care entrepreneur Annemarie Postma (1969). Zij is met recht een ‘seriële pionier’ te noemen. 

Voel je jezelf een pionier en zie je jezelf ook zo? Waarom wel/niet? Kun je een voorbeeld geven (of meerdere)?

“Als ik nu, na bijna 30 jaar werken, achteromkijk uiteraard wel. Maar terwijl ik gewoon bezig was in de wereld niet. En nog steeds niet hoor. Ik denk niet als ik mijn dag begin ‘zo we gaan weer eens pionieren’. Terwijl dat wel is wat ik altijd gedaan heb en nog steeds doe: volkomen onverwachte en nieuwe dingen doen, een voortrekker zijn en de weg banen en vrijmaken voor anderen. Maar dat is niet ‘bedacht’ of gepland.”

“Het begon al heel jong toen ik, begin jaren 90, het eerste professionele model met een duidelijk zichtbare handicap werd. Dat was nog nooit gebeurd en de jury van de meest prestigieuze modellenwedstrijd ter wereld wist zich eerst niet echt een houding te geven. ‘Fashion is movement’, hoor ik het Franse jurylid en hoofd scouting van Elite models, Pierre Campoux, nog zeggen. Ik begreep toen al het beperkende denken van mensen niet. Zelf zag ik eigenlijk alleen maar mogelijkheden en kansen in plaats van beperkingen. Ik dacht alleen maar: nou, in mijn geval is fashion dus niet ‘beweging’, maar iets anders. Of een ánder soort beweging. Ik zag het probleem niet. Ik was een ánder soort model. Niet minder, ánders. En ik was goed in wat ik deed voor de camera, want ik won de pre-finale immers niet voor niets.”

Begin jaren 90 was het volstrekt vervreemdend als je ‘anders’ was en toch meedraaide in de reguliere beauty wereld. Er waren geen gehandicapte vrouwen duidelijk zichtbaar. Niet in het straatbeeld, niet in de mode, niet in de media. En, laten we eerlijk zijn, nog steeds eigenlijk niet. Ik behoor als vrouw met handicap nog altijd tot de minst geïntegreerde groep, wereldwijd. Een groep die geen rolmodellen heeft. Ik had als meisje van 11 jaar geen enkel voorbeeld, niemand om de kunst van af te kijken, niemand die, qua situatie en ambities en idealen, ook maar een béétje op mij leek, waar ik me aan kon spiegelen of die me kon motiveren en inspireren. Het is echt heel gek als je jezelf nooit in de buitenwereld weerspiegeld ziet.”

“Al heel jong werd ik daardoor heel direct met mezelf geconfronteerd en op mijzelf teruggeworpen. Ik moest een ander referentiekader zoeken bij het inschatten van mijn kansen en mogelijkheden, het uitstippelen van mijn toekomst en het maken van mijn keuzes. Hierover schreef ik in 1996 mijn eerste bestseller ‘Ik hou van mij’. Ik had nog nooit geschreven en stuitte op ongeloof. Iedereen om me heen had zoiets van: jij? Schrijven?

FotoRobin de Vries

Ik sloot me zeven maanden op in een vakantiehuisje in Nieuwkoop. Elke dag was er wel iemand die me belde en lacherig vroeg ‘hoe gaat het met je boekje?’. Ik vond dat best irritant, maar tegelijkertijd deerde het me niet. Ik wíst gewoon: dit komt goed, dit wordt een boek waar veel mensen iets aan zullen hebben. En dat was ook zo. Het kwam uit en tot op de dag van vandaag verkoopt het nog steeds. Al meer dan 250.000 exemplaren! Daarna schreef ik nog 23 boeken, waarvan één een internationale bestseller werd: The deeper secret. Daarna werden er nog 3 titels in 14 talen uitgegeven. Mijn toenmalige uitgever Sander Knol van Meulenhoff zei aanvankelijk nogal lacherig ’Ach Annemarie, in het buitenland hebben ze alles al’. Ik was de eerste Nederlandse zelfhulp non-fictie schrijver die naar het buitenland vertaald werd. Ook dát was weer pionieren. Non-fictie over zelfontwikkeling en persoonlijke groei, zoals ik dat schreef, werd en wordt zelden of nooit vanuit het Nederlands naar een andere taal vertaald.”

“Ik heb eigenlijk altijd alleen maar kunnen varen op mijn innerlijke kompas. En dat is denk ik wat een pionier kenmerkt: je eigen weg volgen, doen wat er volgens jouw gevoel gedaan moet worden. Helemaal los van wat anderen denken en vinden, los van de goedkeuring of waardering van anderen, los van wat gangbaar en gebruikelijk is, los van wat hoort of ‘altijd zo ging’. Een pionier heeft anderen niet nodig om zijn innerlijke vuurtje te laten branden, hoeft geen cheerleaders, is niet uit op de goedkeuring of beloning van de buitenwereld. Een pionier heeft een intrinsieke motivatie en haalt voldoening uit de activiteit zelf. Voor mij ging het nooit om geld verdienen en erkenning. Dat kwam later en was bijvangst. Maar vaak ben je zelf dan alweer verder, met het volgende, nieuwe project bezig.”

“Pionier zijn is voortdurend dealen met weerstand. Dat moet in je zitten, daar moet je tegen kunnen”

Pioniers ervaren over het algemeen weerstanden wanneer ze met iets beginnen dat afwijkt van wat de meerderheid denkt of doet. Hoe zag of ziet die weerstand eruit?

“Tegenwerking, ontmoedigen, niet begrijpen, niet serieus nemen, lacherig bejegend worden, betwijfelen, negeren, ontkennen. Ik heb er mijn hele leven lang al mee te maken. Gebrek aan visie van anderen vooral, afgunst, gebrek aan kennis of conflicterende belangen van mensen waar je (noodgedwongen) mee te maken hebt.”

“In 2017 richtte ik het eerste medische centrum voor leefstijlgeneeskunde op, een zelfstandige kliniek met medisch specialisten (zoals een revalidatiearts, kinderarts en neuroloog) waar leefstijlgeneeskunde echt als medisch specialisme wordt uitgevoerd, met de focus op leefstijl en voeding. Dat is echt iets anders dan een ‘gewone’ leefstijlkliniek. Ik heb een medisch team samengesteld en samen hebben we de eerste (wereldwijd) whole food plant-based evidence-based gecombineerde leefstijl interventie ontwikkeld en het Handboek Leefstijlgeneeskunde geschreven. Dit hebben wij allemaal gebaseerd op de meest recente stand van de (internationale) wetenschap en we zijn het concept nu met een gespecialiseerd bureau franchise-klaar aan het maken. Eind dit jaar opent onze eerste vestiging in het buitenland. In Nederland gaan de ontwikkelingen in de zorg zó ontzettend traag. ‘Procedures’ gaan in ons land altijd boven het ‘resultaat’ en het verzekerde pakket (dus de zorg die vergoed wordt) wordt beperkt tot evidence-based medicine of tot Nederlands onderzoek. Dus voordat leefstijlgeneeskunde als medisch specialisme gezien én verzekerd zal worden zijn we waarschijnlijk jaren verder. De afgelopen corona-jaren kwam men niet verder dan doekjes voor het bloeden en schijnoplossingen. Dat in bijna twee jaar tijd geen stappen zijn genomen in voeding- en leefstijladviezen is nogal opmerkelijk te noemen. De wetenschap wijst immers uit dat veruit de meeste Covid-19 patiënten die in het ziekenhuis belandden een leefstijl gerelateerde aandoening hadden. Dit was voor ons mede de aanleiding om het Handboek Leefstijlgeneeskunde voor de zorgprofessional te schrijven. Ons boek gaat in op de bewezen relatie tussen leefstijl en Covid-19 en hoe gedegen, bewezen effectieve leefstijlinterventies de druk op de zorg in het algemeen en in de huidige coronapandemie in het bijzonder, kunnen ontlasten. Maar je bent en blijft in Nederland een roepende in de woestijn. Men blijft in ons land hopeloos achter de feiten aanlopen.”

“Dus ja: pionier zijn is voortdurend dealen met weerstand. Inmiddels ben ik 53 en ik weet hoe het werkt. Het hoort erbij. Het is zoals Ghandi zei: ‘Eerst negeren ze je, dan lachen ze je uit, dan vechten ze met je, dan win je’. Aan dat ’winnen’ beleef je als pionier weinig plezier, want op dat moment ben jij alweer verder, zit je in het volgend pionierend project en begint alles weer van voren af aan. Pionieren is per definitie een eenzame weg zonder echt applaus. Daar moet je op een bepaalde manier voor gebakken zijn, daar moet je tegen kunnen.”

Wilde je weleens opgeven? Wat maakte dat je doorzette?

“Opgeven? Nooit! Wel momenten van herijken en kijken of ik wel op de goede weg was, als de weerstanden erg groot waren. Soms laat je dan een project of concept schieten en richt je je op het volgende. Ik ga nu ik ouder ben heel anders met dingen om, zodat ik geen kostbare levenstijd verspil. ’See the signs’, zeg ik nu altijd tegen de mensen met wie ik werk. Soms is weerstand een wegwijzer. Opgeven is voor een échte pionier nooit een optie. Omdat je alles wat je doet – althans zo is het bij mij – doet van binnenuit. Vaak vanuit een diepe drive iets bij te dragen aan deze wereld, van betekenis te zijn. Het is heel belangrijk om de ‘battles’ op je weg als pionier zorgvuldig te kiezen. Laat die weerstanden maar, denk ik nu vaak. Alles wat je aandacht geeft groeit. Dus niet te veel aandacht aan besteden, dat scheelt een hoop energie.”

Welke kwaliteiten heeft een pionier nodig en welke heb jij vooral?

“Een pionier moet vooral zelfvertrouwen, doorzettingsvermogen, ausdauer, geduld en incasseringsvermogen hebben. Ook moet je de moed hebben je gevoel te volgen, de dingen aan te pakken op je eigen manier en jezelf trouw te blijven, ongeacht de reacties van de buitenwereld. Daarnaast moet je lef hebben om onbekende wegen te bewandelen en onzekerheid te omarmen. Wat echt cruciaal is, is dat je iemand bent die anderen kan enthousiasmeren en overtuigen. Ik heb dat mijn hele leven gedaan: anderen laten zien wat ik voor me zie en ze aanzetten tot een verruiming van bewustzijn. Of ze soms gewoon ánders naar dingen laten kijken.”

Voor wat betreft dat laatste, hoe zet je die kwaliteit(en) in en is dat bewust of zit het in je?

“Dat zit in je. Je bent een pionier of je bent het niet. Lef heb je of niet. Je kunt anderen enthousiasmeren en hebt een sterke overtuigingskracht of niet. Het is niet iets dat je kunt leren. Hoewel… ik ben tegen wil en dank ‘getraind’ door alle jaren die ik in mijn jeugd intern in een revalidatiecentrum heb doorgebracht. Daar kwam veel geduld en ausdauer bij kijken. Ook heb ik een groot incasseringsvermogen, doordat ik in mijn leven van jongs af aan al veel heb meegemaakt. Het verliezen van een gezond, normaal functionerend lichaam bijvoorbeeld en de vroege dood van mijn moeder. Ik ben door mijn handicap gewend overal meer moeite voor te moeten doen. Niets in mijn bestaan gaat vanzelf. Ik verwacht dat ook niet. Dat is een voordeel.”

Wie is jouw grote voorbeeld/inspirator en waarom?

“Schrijver en wetenschapper prof. dr. Dean Ornish. Hij is dé pionier op het gebied van leefstijlgeneeskunde en toonde in de jaren ‘80 al door klinisch onderzoek aan hoe je met een overwegend plantaardig dieet, in combinatie met verandering van leefstijl, coronaire hartziekte kunt voorkomen en zelfs omkeren. Hij begon zijn levenswerk puur vanuit de ontsteltenis dat mensen gedotterd werden of een zware hartoperatie ondergingen en daarna op dezelfde voet verder gingen. Aan de oorzaak en echte oplossing werd niets gedaan. Hij toonde aan dat een gezond (dus onbewerkt) plantaardig dieet ook ziekten als diabetes, protstaatkanker, beroertes, plotselinge hartdood, slokdarmkanker, multiple sclerose, reumatoïde artritis kan helpen voorkomen. Ornish is al heel lang bezig en in het begin erg beschimpt en uitgelachen door collega medisch specialisten, maar is inmiddels een autoriteit. Veel ziekenhuizen en medisch specialisten in Amerika werken met zijn methode en zijn methode wordt inmiddels gewoon door Medicare (de Amerikaanse zorgverzekeraar) vergoed. Hij is op het gebied van leefstijlgeneeskunde echt de pionier in de wereld en dé ambassadeur van de geneeskunde van morgen.”

“Pionieren is niet voor watjes”

Wat vind je niet leuk aan pionieren?

“Dat je eigenlijk nooit echte rust hebt. Er zijn áltijd weer nieuwe horizonten die lonken. Daarbij is pionier zijn een kostbare aangelegenheid. Het vergt per definitie (voor)investering. Niet alleen qua energie en tijd, maar ook qua geld. Neem ons franchise-traject: voordat zo’n concept franchise-klaar is ben je tienduizenden euro’s verder. Vaak zijn first-movers daardoor aanzienlijk minder winstgevend dan latere toetreders. Je moet goed op de zakelijke kant letten, anders lopen de volgers, na jouw jarenlange werk, met de winst en credits weg. Je loopt als pionier altijd het risico dat jouw producten, diensten of bezigheden gekopieerd worden.”

Waar geniet je juist van?

“Van het creëren. Van een ‘ingeving’ iets echt tastbaar en toepasbaar maken. Vervolgens vind ik het altijd heel bijzonder en vervullend te zien hoe ánderen écht geholpen zijn met wat ik onder de douche of tijdens een wandeling bedacht hebt. Het Sit Smart Dieet voor rolstoelers, dat ik samen met revalidatiearts Dr. Kees Hein Woldendorp ontwikkelde bijvoorbeeld. Het is elke dag weer ontroerend en prachtig om te zien hoe mensen met een dwarslaesie (en daardoor vaak veel ernstige en vaak levensbedreigende bijkomende gezondheidscomplicaties) weer tot leven komen. Vaak na een jarenlange vergeefse strijd tegen overgewicht (of juist ondergewicht), diabetes, chronische pijn, chronische moeheid, slecht genezende wonden, urineweginfecties, depressiviteit en over-medicalisering. Of de verbazingwekkende resultaten die het team in onze klinieken bereikt heeft, de afgelopen jaren. Er zijn ongelooflijk veel mensen met chronische aandoeningen die vaak alles al geprobeerd hebben, maar van de regen in de drup komen, vaak door de enorme hoeveelheden (doorgaans peperdure) medicatie die ze voorgeschreven krijgen. Door aanpassing van leefstijl, en dan vooral voeding, kunnen ze meestal ongelooflijk snel een duurzaam resultaat boeken. Ze komen niet alleen van hun klachten af, hun totale gezondheid verbetert én hun kijk op het leven. Daar word ik gelukkig van.”

Zie jij verschillen tussen mannen en vrouwen die pionier zijn? Wat zou je hen voor tips willen geven?

“Ja, verschillen zijn er zeker. Vrouwen zitten vaak te veel in de please modus en zijn te veel bezig met ‘trying to fit in like an asshole’, zoals ik altijd zeg. Ze zijn vaak rancuneus, gunnen anderen te weinig en zijn jaloers. Het is leuk wat je allemaal in dure managementcursussen leert, maar als het erop aankomt steunen veel vrouwen elkaar helemaal niet. Ook denken vrouwen vaak dat je alles met ‘licht, liefde en aardigheid’ kunt oplossen of bereiken. Dat is niet zo. Soms moet je bikkelhard kunnen en durven zijn. Tegen anderen, maar ook voor jezelf. Compassievol, maar eerlijk. Anderen een spiegel durven voorhouden, soms onpopulaire beslissingen durven nemen, mensen confronteren en bereid zijn zelf echt eerlijk in de spiegel te kijken. Pionieren is niet voor watjes.”

Is pionieren urgent voor de toekomst?

“Natuurlijk. Kijk naar de gezondheidszorg of de veeteelt en landbouw. Het zijn doodlopende systemen die aan complete hervorming toe zijn en beide één ding gemeen hebben: de focus op symptoombestrijding. Het niet aanpakken van oorzaken maar steeds terug grijpen op de bekende doekjes voor het bloeden. Het moet anders. In Europa gebruiken we 80 procent van de vruchtbare landbouwgrond om veevoer te verbouwen. Het overgrote deel van die grond is ook geschikt voor verbouw van gewassen voor menselijke consumptie. Dat levert een behoorlijke hoeveelheid eiwitten op. Biochemicus en eiwitexpert prof. Harry Aiking (ik citeer hem al jaren) zegt hierover ‘Een plantaardig dieet zou voor de mens veel efficiënter zijn. Wanneer we voedingstoffen voeren aan dieren en daarna de kaas of de melk eten, gaan er veel voedingstoffen verloren. Wat er aan eiwit overblijft vanuit die gewassen en in de menselijke mond terecht komt, is ongeveer een zesde. Die andere vijf zesde gooi je dus gewoon weg’.”

“Je hebt pioniers nodig om een antwoord te formuleren op de vraag hoe het anders moet en kan. Verandering vindt alleen plaats op de rand van het oude. Vernieuwing vraagt om moed, een doortastend en helder plan, efficiënte mobilisatie en doelgerichte ontwikkeling. Het is een beetje als een expeditie. Veranderpionier zijn betekent voor mij dat je jezelf niet búiten de bestaande wereld plaatst (want daar staan vaak de miskende talenten te schreeuwen dat ze niet gezien en gehoord worden en zo blijf je een activist), maar infiltreert binnen de bestaande systemen en van binnenuit (of in samenwerking met de bestaande kaders) verandering brengt. Want je wilt als pionier niet schoppen tegen, maar juist bijdragen aan het hervormen en verbeteren van bestaande systemen.”