Het sociaal maatschappelijk multimedia platform van en voor het volk en ondernemend Nederland en België.
Gezondheid

Eet paddenstoelen en leef lang en gezond

Willem Koert 18 april 2022
FotoBigstockphoto

Klassieke Aziatische genezers wisten het al en nu is ook bij moderne wetenschappelijke onderzoekers het kwartje gevallen: eetbare paddenstoelen als de oesterzwam en de champignon hebben een sterk en positief effect op de gezondheid. “Mensen hebben stoffen uit schimmels nodig om gezond te blijven.”

Eeuwen voor de term ‘super food’ in zwang kwam, stond in landen als Taiwan, China en Japan al buiten kijf dat eetbare paddenstoelen gezond zijn. Klassieke genezers wisten dat mensen die frequent paddenstoelen aten zichzelf beschermden tegen een keur aan ziekten. Voor ouderen die vergeetachtig werden, was er de pruikzwam. Wie een hardnekkig virus onder de leden had, had baat bij de shiitake. En als je maar moeizaam genas van ziekten of verwondingen, moest je de ordinaire champignon eten.

Medische handboeken

Eeuwenoude Chinese medische handboeken maken melding van de medicinale eigenschappen van paddenstoelen en recente wetenschappelijke studies bevestigen de validiteit van die oude adviezen. De pruikzwam bijvoorbeeld – misschien beter bekend als Lion’s Mane – heeft volgens Japans onderzoek inderdaad een positief effect op de werking van de hersenen. De Japanners ontdekten dat oudere mensen sneller nadenken en reageren, meer informatie opnemen en met minder moeite mentaal omschakelen, als ze elke dag een beetje pruikzwam binnenkrijgen. Waarschijnlijk komt dat doordat stoffen in de pruikzwam hersencellen prikkelen om nieuwe connecties te vormen.

In ons land staat de pruikzwam, hoewel het een eetbare paddenstoel is, niet op het menu. De enige groep van enige betekenis die hier wel eens pruikzwam binnenkrijgt, is die van de supplementengebruikers. Pruikzwam zit onder meer in producten voor gamers, die urenlang oorlogen uitvechten in virtuele werkelijkheden.

Alleen al in de Chinese regio Yunnan plukt, verkoopt en eet de lokale bevolking meer dan driehonderd soorten paddenstoelen. In industriële landen zijn slechts een paar soorten eetbare paddenstoelen via de reguliere kanalen verkrijgbaar. Denk aan de shiitake, de oesterzwam en uiteraard de gewone champignon. Daarvan eet de gemiddelde Nederlander 2 tot 3 kilo per jaar. In Azië ligt de consumptie ongeveer een factor 4 tot 5 hoger.

Als het aan diëtisten en voedingswetenschappers ligt, mag die inname omhoog. Paddenstoelen bevatten weinig calorieën, maar wel genoeg vezels, vinden zij. Het is prima een deel van vet vlees in bijvoorbeeld burgers, saus en de vullingen van wraps en taco’s te vervangen door paddenstoelen, zonder dat die daardoor aan smaak inboeten. Op die manier kun je dus minder vet (en ook, hip in voorlichterskringen, ‘duurzamer’) eten.

Paddenstoelen zijn in die optiek dus vooral gezond, omdat ze bepaalde voedingsstoffen niet bevatten, maar dat is waarschijnlijk slechts de helft van het verhaal. De wetenschappelijke literatuur suggereert dat de alledaagse eetbare paddenstoelen uit de schappen van de supermarkt en de groenteboer toch heus allerlei interessante gezondheidseffecten hebben.

“Mensen hebben stoffen uit schimmels nodig om gezond te blijven”

Sterftekans

In 2021 publiceerden onderzoekers van Pennsylvania State University een onderzoek waarin ze in een tijdspanne van twaalf jaar een slordige dertigduizend Amerikanen hadden gevolgd. Hoe meer eetbare paddenstoelen de studiedeelnemers wekelijks verorberden, hoe geringer de kans dat ze overleden.

Het verband was niet zo sterk, maar het was op zichzelf al bijzonder dat de onderzoekers een verband konden ontdekken. Amerikanen eten nog minder paddenstoelen dan Nederlanders. De doorsnee-Amerikaanse ‘heavy consumer’ van paddenstoelen verorbert wekelijks een paar stukjes champignon op een pizza of in een omelet.

Als zulke kleine hoeveelheden eetbare paddenstoelen een effect op de sterftekans hebben, gaan voedingswetenschappers al snel denken aan stoffen die in kleine hoeveelheden positieve gezondheidseffecten hebben. In andere studies waarin onderzoekers grote

groepen mensen door de tijd hebben gevolgd, kwamen vaker dingen aan het licht die daarop wijzen. De onderzoekers van Pennsylvania State publiceerden vervolgens een metastudie, waarin ze de uitkomsten van 17 eerder gepubliceerde studies bij elkaar harkten en nogmaals analyseerden. Daaruit concludeerden ze dat studiedeelnemers die dagelijks gemiddeld 20 gram eetbare paddenstoelen aten (dat komt neer op welgeteld één ietwat bescheiden champignon) tot wel de helft minder vaak kanker kregen dan studiedeelnemers die geen paddenstoelen aten.

Ergothioneïne

Over wat de beschermende stoffen in paddenstoelen zijn, hebben voedingswetenschappers verschillende ideeën. Een veelgenoemde kandidaat is ergothioneïne, een aminozuur dat paddenstoelen en andere schimmels aanmaken en dat ook in het menselijk lichaam voorkomt. Het zit vooral in de mitochondria, de moleculaire energiecentrales in de cellen die voedingsstoffen omzetten in energie. Mensen nemen het aminozuur op uit voedingsmiddelen als paddenstoelen en schimmelkaas.

De functie van ergothioneïne is onduidelijk. Zweedse onderzoekers van de universiteit van Lund ontdekten in 2019 dat mensen met relatief veel ergothioneïne in hun bloed minder snel dodelijke hartaanvallen en beroertes krijgen dan mensen met een relatief lage spiegel, maar ook de Zweden snappen niet wat ergothioneïne in het lichaam doet.

Een beetje meer duidelijkheid is er over de hoeveelheid eetbare paddenstoelen die je nodig hebt om een interessante hoeveelheid ergothioneïne binnen te krijgen. Uit kleine trials die zijn uitgevoerd voor de supplementenindustrie blijkt dat ergothioneïne misschien ook versleten gewrichten beter kan laten functioneren. De hoeveelheid ergothioneïne die daarvoor nodig zou zijn, is verrassend klein. Je krijgt dat al binnen als je dagelijks twee champignons van gemiddelde grootte consumeert.

Activatie van het immuunsysteem

De ergothioneïnetheorie is niet de enige theorie die wetenschappers naar voren schuiven als verklaring voor de positieve gezondheidseffecten van eetbare paddenstoelen. Een andere theorie is dat eetbare paddenstoelen immuuncellen activeren om ziektekiemen uit te schakelen en niet goed functionerende lichaamseigen cellen op te ruimen. In 2007 publiceerden onderzoekers van het Amerikaanse landbouwministerie bijvoorbeeld het verslag van een experiment waarin ze muizen voer gaven met champignons erin. Na een paar weken namen de Amerikanen een beetje bloed af van de muizen, stopten dat in reageerbuizen en voegden daar kankercellen aan toe. Ze deden hetzelfde met muizen die standaardvoer hadden gekregen.

De onderzoekers zagen dat het eten van champignons ertoe leidde dat ‘Natural Killer-immuuncellen’ in het bloed van de muizen sneller en effectiever kankercellen gingen opruimen. Champignons activeren kennelijk het immuunsysteem, in proefdieren én in mensen. Toen Australische onderzoekers in 2012 proefpersonen elke dag een ons gekookte champignons gaven, zagen ze dat daardoor de aanmaak van IgA-antilichamen toenam. Dat zijn de antilichamen die in de neus, mond en longen bacteriën en virussen onschadelijk helpen maken.

Het is niet bekend wat nu de belangrijkste actieve immunostimulerende bestanddelen van eetbare paddenstoelen zijn, maar de meeste onderzoekers kijken naar de onverteerbare vezels. Die lijken op de bouwstenen van de membranen van bacteriën. Immuuncellen in de darmen zouden, als ze die vezels detecteren, wel eens alarm kunnen slaan en het immuunsysteem in de rest van het lichaam in een hogere staat van paraatheid brengen.

“Je krijgt al genoeg werkzame stoffen binnen als je dagelijks twee champignons van gemiddelde grootte consumeert”

Neanderthalers

“Toen er nog geen koelkasten en conserveringsmiddelen waren, kregen mensen voortdurend schimmels binnen,” grapte een ontwikkelaar van medicinale paddenstoelextracten, die liever niet met naam genoemd wil worden, nog niet zo lang geleden op een symposium. “Nu de voedingsindustrie en de technologie ervoor heeft gezorgd dat er geen schimmels meer in

het eten zitten, wordt ons werk ineens stukken belangrijker. We zullen de komende jaren ongetwijfeld ontdekken dat mensen stoffen uit schimmels nodig hebben om gezond te blijven.”

Sommige paleontologen vinden dat idee een beetje te cynisch, al vermoeden ze dat er een kern van waarheid in zit. Mensen hebben inderdaad eeuwenlang schimmels binnengekregen, vermoeden zij. Maar dat hoeft niet per se in de vorm van beschimmeld eten geweest zijn. In de tanden en kiezen van Neanderthalers, die honderdduizenden jaren geleden rondliepen in Europa, vonden zij genetisch materiaal van eetbare paddenstoelen. Van onder meer de wortelende inktzwam, of Coprinus cinereus om precies te zijn.

Paddenstoelenliefhebbers zijn te spreken over de smaak van de wortelende inktzwam. “Maar, je moet inktzwammen binnen enkele uren nadat je ze hebt geplukt opeten, anders worden ze giftig,” voegen ze daaraan toe. “En tot een halve week na het eten van inktzwam kun je beter geen alcohol drinken. Doe je dat toch, dan word je gegarandeerd ziek.” Nou ja. Gelukkig zijn er ook champignons.