Voedsel wordt schreeuwend duur - B Informed Media
Het maatschappelijk media platform van en voor de burger & MKB
Economie en ondernemen

Voedsel wordt schreeuwend duur

Het desastreuze samenspel van stijgende energieprijzen en een haperende agrosector
Willem Koert 7 min leestijd 13 december 2022
FotoBigstockfoto

Schrikt u zich het apelazarus als u moet afrekenen in de supermarkt? Zet u zich dan schrap voor het komende jaar en wellicht ook het jaar daarop. Voedsel wordt schreeuwend duur. In onze contreien zullen ongekende prijsstijgingen zorgen voor een ongekende politieke instabiliteit, voorspelt de Wageningse voedseltechnoloog Wouter de Heij. De landen buiten het rijke Europa wacht iets nog ingrijpenders.

Iedereen die wat voorstelt in de Nederlandse agrofood kent Wouter de Heij. De Wageningse technoloog en ondernemer wordt soms omschreven als ‘de Steve Jobs van de Nederlandse voedselindustrie’. In elke supermarkt liggen voedingsmiddelen die zijn gemaakt met een technologie uit zijn koker – of een technologie die daarvan is afgekeken. Via zijn in Wageningen gevestigde bedrijf Top BV speelde De Heij een sleutelrol in de ontwikkeling van onder meer vleesvervangers, nieuwe conserveringsmethoden die de smaak en voedingswaarde intact laten en technieken die op een milieuvriendelijke manier interessante, actieve stoffen uit planten halen.

Door zijn zakelijke en technologische succes is De Heij inmiddels uitgegroeid tot iemand wiens mening telt. Instituten, bedrijven, overheidslichamen en media vragen hem frequent om zijn visie over ‘zijn’ sector: de Nederlandse agrofood. “Als ze mijn mening vragen, ben ik altijd eerlijk,” zegt hij. “Ook als ik weet dat ik er geen vrienden mee maak.” Hoewel De Heij een verstokte optimist is, ziet hij hoe donkere wolken zich samenpakken boven de Nederlandse voedingssector. De Heij voorziet een perfect storm met grote gevolgen voor de Nederlandse economie en miljoenen consumenten.

Oppermachtige organisaties

“Om te beginnen moet je begrijpen dat de vijftigduizend boeren in Nederland, en trouwens bijna alle boeren in Europa, geen kant op kunnen,” zegt De Heij. “Ze opereren in een markt met een bijzonder klein aantal afnemers. In Nederland praten we over vier tot vijf organisaties die 90 procent van de levensmiddelen inkopen en vervolgens weer verkopen via supermarkten.” Economen noemen zo’n situatie een oligopsonie. In een oligopsonie kunnen de machtige inkooporganisaties de prijs die boeren voor hun producten krijgen laten zakken tot de kostprijs of pal daaronder. Boeren maken dan ook geen winst, een enkeling daargelaten. Het maakt eigenlijk niet uit of boeren inzetten op technologische vernieuwing of overstappen op biologische productie.

“Tegelijkertijd bedienen die vier, vijf organisaties via hun supermarkten de ruim 17,5 miljoen Nederlanders,” vervolgt de Heij. “In de rest van Europa is de situatie niet veel anders.” Zo’n situatie heet in de economie oligopolie. Hierin kunnen de paar aanbieders de markt naar hun hand zetten. Ze kunnen hun prijzen zo vaststellen dat ze hun winstmarges maximaal maken.

“De paar machtige verkooporganisaties benutten de spanning op de markt om hun prijzen nog verder op te drijven en nog meer te verdienen”

In zulke markten, waarbij een grote groep producenten alleen via een piepkleine groep tussenpersonen een grote groep consumenten kan bereiken, pakt een betrekkelijk kleine verhoging van de kostprijs dramatisch uit. “Dat is een kenmerk van dit soort markten,” zegt De Heij. “Dat is wat nu gebeurt door de oorlog in Oekraïne. Er komt lang niet zoveel graan en zonnebloemolie uit Oekraïne als we gewend waren.”

Energiekosten

Als je kijkt naar de wereldmarkt is die afname nog te overzien, maar het heeft desondanks geleid tot fikse prijsstijgingen in de Nederlandse supermarkten. “Dat is logisch,” legt De Heij uit. “De boeren staan al onder een enorme druk en kunnen niet nóg goedkoper leveren. Bovendien benutten de paar machtige verkooporganisaties de spanning op de markt om hun prijzen nog verder op te drijven en nog meer te verdienen.”

Het komt dus niet alleen door het conflict in Oekraïne dat er zulke exorbitante bedragen op de kassabon van de supermarkt staan. In een echt vrije markt waren er ook prijsstijgingen geweest, maar niet van de omvang die we in 2022 hebben gezien. En in de komende maanden gaan die prijzen nog veel, veel verder omhoog, vreest De Heij. En dat komt niet in de laatste plaats door de spectaculaire stijging van de kosten op de energiemarkt.

“Boeren gebruiken kunstmest, diesel en bestrijdingsmiddelen,” legt hij uit. “De prijzen daarvan zijn afhankelijk van de energieprijzen. De prijs van kunstmest is ongeveer met een factor tien gestegen.” Dat komt voor een deel omdat Brussel de import van Russische grondstoffen heeft stopgezet, maar ook omdat voor de productie van kunstmest veel energie nodig is.

“De energiemarkt heeft een vergelijkbare structuur als de voedselmarkt,” zegt De Heij. “Ook op de energiemarkt is sprake van oligosponie en oligopolie. Op beide markten voltrekken zich nu dezelfde processen. Ook op de energiemarkt speelt het conflict in Oekraïne een rol, maar er is meer aan de hand. De energietransitie is minstens zo belangrijk.”

Perfect storm

De stilvallende stroom van graan en zonnebloemolie uit Oekraïne en de stijgende energieprijzen stuwen de voedselprijzen omhoog. Het offensief van de Nederlandse overheid tegen de agrarische sector om de stikstofcrisis op te lossen, gooit daarbij nog eens olie op het vuur. Zie daar de basis-ingrediënten voor een perfect storm die ergens in 2023 zal opsteken boven Nederland en andere delen van het Europese continent. “We zitten nu nog aan het begin van een ontwikkeling die in de nabije toekomst zal gaan versnellen,” legt De Heij uit. “Nu is voedsel volgens de officiële statistieken bijna twintig procent duurder dan verleden jaar. Maar op dit moment eten we van de oogst van het afgelopen jaar. Volgend jaar, als de voedselvoorraden van 2022 en daarvoor op zijn, wordt de situatie pas echt serieus.”

Sommige boeren zullen het voorjaar van 2023 kunstmest blijven gebruiken en dat doorberekenen in hun prijs. Een ander deel zal ervoor kiezen geen kunstmest meer te gebruiken en daardoor 30 procent minder te produceren. Weer een ander deel zal land braak laten liggen.

“Ik heb het nog niet gehad over kassen die leeg blijven, omdat het niet meer mogelijk is ze te verwarmen,” verzucht De Heij. “Of de voedselverwerkende industrie die nu eenmaal energie-intensief is. Nu al zetten bakkers, conservenfabrikanten en andere fabrikanten de productie stop omdat de energiekosten te hoog worden. De bedrijven die actief blijven, hebben geen andere keuze dan hun prijzen fiks te verhogen.” Al die ontwikkelingen samen zullen, zeker bij een oligopsonistisch-oligopolistische marktwerking, leiden tot uiterst zorgwekkende ontwikkelingen.

Imploderend Europa
Op dit moment besteedt de gemiddelde Nederlander 12 procent van zijn inkomen aan voedsel. Door de dramatische prijsstijgingen van 2023 zal dat fors meer worden. Met energie zal uiteraard hetzelfde gebeuren. “Het consumentengedrag zal noodgedwongen versoberen,” rekent De Heij voor. “Dat zal grote gevolgen hebben voor economische sectoren die toch al verzwakt uit de coronapandemie zijn gekomen.”

“Ook in landen als Marokko, Egypte, Irak en Syrië zullen de voedselprijzen stijgen. Daar spenderen inwoners gemiddeld zo’n dertig tot veertig procent van hun inkomen aan voedsel. Ze zullen daar letterlijk niet meer in staat zijn hun kinderen te eten te geven.”

In het nu nog welvarende Nederland zal de overheid misschien nog middelen hebben om de pijn te verzachten, al wacht ons, net als de rest van Europa, een voor Europese begrippen ongekende economische depressie en politieke instabiliteit. Buiten de Eurozone staat echter iets nóg ingrijpenders te gebeuren. “Ook in landen als Marokko, Egypte, Irak en Syrië zullen de voedselprijzen stijgen,” zegt De Heij. “Daar geven de inwoners gemiddeld zo’n dertig tot veertig procent van hun inkomen uit aan voedsel. In die landen zullen mensen letterlijk niet meer in staat zijn hun kinderen te eten te geven. Als dat gebeurt, gaan mensen de straat op.” Stijgende voedselprijzen waren de directe aanleiding voor de Arabische Lente, roept De Heij in herinnering. “Zoiets staat nu weer te gebeuren, maar dan groter. Veel groter.” Wat er precies zal gaan gebeuren? Burgeroorlogen? Chaos? De opkomst van gewelddadige regimes? Massamigratiestromen naar het imploderende Europa? Straks zullen we het weten.

Ramkoers

Vijftien jaar geleden was het misschien niet zo ver gekomen. Toen was er nog zoiets als een publiek debat, waarin het mogelijk was waarschuwende geluiden te laten horen en afwijkende inzichten naar voren te brengen. Er waren nog bestuurders die open stonden voor andere geluiden en het beleid konden wijzigen.Nu ligt de koers van de overheden vast. Ingegeven door modellen, waaraan niemand meer mag twijfelen. “Vroeger kon je in Nederland nog vrolijk ruziemaken over de wetenschappelijke onderbouwing van het beleid,” zegt De Heij. “Door een goede en zuivere discussie werd vanzelf duidelijk waar de gaten in die onderbouwing zaten.”

Die tijd is voorbij. Sinds de coronapandemie zijn er steeds meer onderwerpen waarover die discussie niet meer mag worden gevoerd en maar één opvatting is toegestaan. “Zodra het gaat over stikstof, energie, klimaat of voeding worden we geacht een vast omschreven narratief te volgen,” zegt De Heij. “Twijfel aan de cijfers, statistieken en modellen van de overheid is niet meer toegestaan.”

Terwijl de verschillen tussen Noord-Korea en Europa steeds kleiner worden, ziet De Heij de perfect storm waarvoor hij waarschuwt elke dag een beetje dichterbij komen. Hij maakt zich zorgen. “Toen in 2008 de banken omvielen, was ik niet bang,” bekent hij. “Tijdens de coronapandemie ook niet. Ik was bezorgd voor kwetsbare mensen voor wie zo’n nieuw virus fataal zou kunnen zijn, maar ik ben geen moment bang geweest. Dat ben ik nu wel. Nu ben ik bang.”